‘Find Edventure and Live your Dream’

Ik vond mijn eerste Edventure ervaring begin 2010 bij de stand op de vakantiebeurs. Ik zag jongens uit Guatemala stad hip-hop dansen en kinderen typisch Nicaraguaanse houten beeldjes beschilderen. Toen ik nieuwsgierig dichterbij kwam werd mij ook nog eens fair-trade banaan aangeboden, hier moest ik meer van weten! Er werd mij verteld over de doelstellingen van Edventure. Wat mij aansprak  was dat zij mensen een bijzondere reis kunnen laten beleven, in combinatie met de mogelijkheden die Edventure biedt voor lokaal opgestarte projecten.

Het is nu een paar maanden later en inmiddels zit ik zelf in San José en maak ik deel uit van het Edventure team. De komende tijd zal ik niet alleen nog beter kennis maken met Edventure, maar ook met Costa Rica zelf.  Door middel van een blog houd ik jullie graag op de hoogte van mijn belevingen en mijn kennismaking met Costa Rica!

 Un Saludo, Marlotte                     

Voor vragen, op- en aanmerkingen kunnen jullie contact opnemen via
lotte@edventure.biz
  

..............................................................................................................................
 

22-10-2010

Puerto Viejo de Talamanca

Hier zou ik met gemak de rest van m’n leven kunnen doorbrengen.
Ik zou kunnen leren surfen, iedere dag langs op mijn beachcruiser langs het strand kunnen fietsen, pollo caribeño eten, mijn houten huisje felblauw schilderen, sieraden maken en verkopen, reggaemuziek luisteren, yogales nemen, op straat barbecueën en vooral rustig aandoen…


Maar ik ben er nu één dag. Ik ben met de bus aangekomen vanuit Tortuguero. We stappen over in Limon, dit betekent inderdaad citroen en even later kom er een bus aanrijden uit Bananito (een stad die echt Banaantje heet). We zijn getuige van de overwinning van het lokale voetbalteam. De bus moet precies langs het stadion waar alle groen-geklede supporters weg proberen te komen om de overwinnen te vieren. Wij rijden door naar Puerto Viejo de Talamanca. Daar aangekomen gaan we naar een restaurant en ik leer hoe ik ‘patacones’ moet maken. Dit zijn stukjes platgedrukte gefrituurde banaan, lastig om te laten mislukken. We eten dit met rijst en kip. ’s Avonds besluiten we een kijkje te nemen in Puerto Viejo. De avond begint met reggaemuziek maar eindigt overal met een soort R&B en reggaeton-achtige muziek, dit vinden we persoonlijk wat minder dus lopen nog even over het strand en gaan dan naar huis.

De volgende dag gaan we vroeg op pad, we ontbijten met roerei en avocado bij Pan-Pay, wandelen daarna tussen de palmen en zien pelikanen. We komen uit bij een prachtig stukje strand ‘Playa Chiquita’ voor ons alleen en nemen onze rust. Om een uur of 1 begint het te regenen en besluiten daarom te gaan lunchen. We eten, alweer, rijst en bonen maar nu gekookt in kokosmelk met pollo caribeño (gemarineerde kip, specialiteit uit de Cariben). Daarna moeten we helaas weer terug naar San Jose omdat het niet altijd vakantie kan zijn…

 

 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

22-10-2010

Tortuguero

Tortuguero is een nationaal park gelegen aan de Caribische kust van Costa Rica en waar het heel het jaar regenseizoen is. De naam heeft het park te danken aan de vele zeeschildpadden die hier aan land komen om hun eieren te leggen.

Maite en ik vertrekken met een busje vanuit San Jose. Onderweg zien we waar de Chiquita bananen vandaan komen. De trossen worden met een rail over de weg getransporteerd. Deze moet je zelf openen als je auto er niet onderdoor past.
 De enige manier om bij de lodge te komen in het park is per boot. Als we denken dat het bootje vol zit moeten alle koffers er nog bij en daarna ook nog een enorme koelkast. Het is meteen al een prachtige tocht waarin we varen over rivieren midden in een junglelandschap en de eerste schildpadden spotten.
 
 

Die middag lopen we over het zwarte strand en varen we naar het kleine dorpje Tortuguero om een kijkje te nemen. Je merkt meteen de Caribische sfeer en er zijn schattige houten gekleurde huisjes waarvan een deel gebouwd is op palen tegen het vele water net als de verhoogde stoep. Verder is het voor de souvenirkoper mogelijk om zijn hart ophalen in één van de vele toeristische winkeltjes.

Op de terugweg komen we erachter waarom dit het natste gebied van Costa Rica is, ik heb het gevoel dat het letterlijk bakken uit de hemel regent. Nooit zal ik meer klagen over een Hollands miezerbuitje. Ondanks de poncho’s zijn we behoorlijk doorweekt geraakt en besluiten maar een duik te nemen in het zwembad, dat is in Nederland dan weer onmogelijk.

De volgende morgen horen we de brulapen schreeuwen en gaan we op pad met de boot. We varen in het tropische regenwoud en zien slingerende aapjes, slapende vleermuizen, enorme leguanen, heel veel verschillende vogels zoals aningha’s en oropendola’s (voor de kenners onder ons!), reigers en toekans! Ik was blij dat we een gids bij ons hadden, die de gave had om vanaf honderden meters een stipje als leguaan te herkennen.



Hierna maken we een wandeling door jungle, gelukkig heeft het hotel laarzen tot beschikking zodat we niet met onze teenslippers door de biodiversiteit aan insecten te hoeven lopen. Ik voel me net een ontdekkingreiziger. We zien felrood gekleurde kikkertjes, hele grote vlinders en nog meer insecten. Indruk op mij maakt de wandelende boom. Dit is geen grap, maar een boom die zijn wortels heel hoog boven de grond heeft en waarvan er telkens een paar afsterven. We kunnen het wandelen helaas niet live waarnemen helaas aangezien dit met slechts 5 centimeter per jaar gebeurd…

Helaas was het door het heftige weer niet mogelijk om ’s avonds op pad te gaan om zeeschildpadden hun eieren te zien leggen. Het beste seizoen hiervoor is juli t/m september en mocht ik in de buurt zijn zal ik zeker de kans niet voorbij laten gaan om dit schouwspel bij te wonen.
 

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

19-10-2010

Tour de piñas: fair-trade en biologische ananassen
Iemand heeft me ooit wijs gemaakt dat ananassen onder de grond groeien. Hier geloofde ik nog altijd heilig in tot ik op bezoek ging bij een ‘Finca de piñas’. Daar kwam ik erachter dat ananassen dus eigenlijk groeien in een plant.  Tijdens de tour kwam ik ook te weten dat het plukken geen pretje is omdat de punten van de plant erg prikken. In de Finca bij Guatuso worden de ananassen niet alleen op een ‘normale’ manier verbouwd, maar groeien ook ananassen die biologische zijn en dit allemaal fair-trade. Dit is waarom ik hier met Fransisco ben. Hij is werkzaam voor Reflex, een bedrijf dat mogelijkheden biedt om de chemische bestrijdingsmiddelen te vervangen voor natuurlijke middelen zoals insecten. 

Biologisch (organica in het Spaans) houdt praktisch gezien in dat de ananassen minder snel en op verschillende tijden, klaar zijn voor de oogst. Deze groeien niet met behulp van synthetische middelen maar met natuurlijke plantextracten die minder schadelijke effecten hebben op de omgeving. Landbouw op een natuurlijke manier dus. Een ander verhaal is fair-trade, waarbij het criterium is dat boeren eerlijke prijzen krijgen voor het verbouwen van de ananas. Het maakt dan niet uit of deze ananas biologisch of op een ‘gewone’ manier geteeld is.
               
Dat de situatie in Costa Rica kritiek is werd vorige week aangehaald door het Engelse tijdschrift The Guardian in ‘Bitter fruit: The truth about supermarket pineapple’. Dit tragische verhaal vertelt over de nadelige gevolgen van de giftige chemicaliën die in hoge mate gebruikt worden voor de teelt van de ‘gewone’ ananas. Vervuilingen van het de grond en drinkwater en ziektes als kanker zijn het gevolg. Samen met de dalende prijs van een ananas in Europa, dalen de lonen van de arbeiders mee. Lange dagen en nauwelijks rond kunnen komen. Dit werk wordt te zwaar gevonden door de Costa Ricanen zelf en wordt daarom vaak uitgevoerd door Nicaraguaanse migranten die nauwelijks rechten hebben. Zoals wel vaker het geval is in deze wereld, spelen multinationals en overheden een grote rol, waarbij politieke en economische belangen voor die van de sociale omstandigheden en gezondheid opgaan. 

In Costa Rica zelf worden de ananassen verkocht die niet geschikt zijn voor de export, dus die getroffen zijn met gaten, deuken of op een andere manier verkeerd zijn uitgevallen. De lelijkste zullen eindigen als een sapje en de grootst uitgevallen ananassen worden geëxporteerd naar, jawel, de VS. 

De boeren in Costa Rica zijn volledig afhankelijk van de afnemers in het westen en criteria die worden opgelegd door de instanties van de keurmerken zoals fair-trade. Als er meer vraag komt naar biologische producten, zullen de boeren meer aan deze criteria moeten voldoen. Dit is niet altijd eenvoudig, zo zijn de natuurlijke bestrijdingsmiddelen duurder en is de teelt gecompliceerder zodat er meer arbeiders nodig zijn. 

Toch voelt deze boer zich er zelf beter bij, zo goed dat hij de laatste jaren zijn biologische landbouwgrond heeft uitgebreid. Om het geld hoeft hij het niet te doen, de hogere prijs die voor de biologische ananas betaald wordt, is hij kwijt aan de extra kosten die bij de verbouwing komen kijken. Hij boekt wel winst in de vorm van een gezondere werkplek en een gezondere grond waardoor hij op langere termijn, op de zelfde plek zijn ananas kan blijven verbouwen. Laten we hopen dat veel boeren zijn voorbeeld volgen en de populariteit van bedrijven als Reflex en biologische producten toeneemt. Ik zou zeggen, koop eens een biologische ananas!
 
 
Links:

-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

                                                                                                                      11-10-2010

 

'Manuel Antonio'
 
 
Tijdens mijn verblijf in San Jose woon ik bij Rosi, haar zoontje en de hond, Estrellita (sterretje). Rosi beschreef zichzelf in haar mail als Pura Vida en tot nu toe is niets minder waar.
Omdat haar vriend moet werken in de buurt van Manuel Antonio besluiten we mee te gaan, zodat ik meteen iets meer van Costa Rica kan zien. Onderweg verveel ik me geen moment. Het is de eerste keer dat ik San José verlaat en ik ben onder de indruk, het is hier overal zo ongelofelijk groen!
 
We slapen in Quepos, een dorpje dichtbij Manuel Antonio. Hier vandaan nemen we de bus naar het Parque Nacional Manuel Antonio. De ticos (Costaricanen) kunnen hier voor een vriendelijke prijs naar binnen, ik probeer de kaartjesverkoper er nog van te overtuigen dat ik ook een tica ben maar vreemd genoeg trapt hij hier niet in en ben ik wat meer kwijt (10 dollar). Dit ben ik al snel genoeg vergeten als ik het park binnenkom, ik voel me alsof ik midden in de jungle sta.  In park Manuel Antonio kun je dan ook genoeg wilde beesten spotten, zoals kapucijnaapjes, witsnuitneusberen, luiaards en heel veel soorten vogels en vlinders waarvan ik de namen niet weet.
 
Rosi lacht me uit als ik een foto maak van een bamboeplant. Even later moet ik om haar lachen als ze met haar tas een witsnuitneusbeertje wil lokken voor de camera. De lokactie werkt iets te goed want hij gaat er met haar zak chips vandoor. Een bewaker wil doet nog een poging hem terug te halen, maar tevergeefs. Hopelijk heeft het hem goed gesmaakt.
 
 

We komen aan bij een baai met zandstrand die met het oerwoud aan de rand zeker niet zal misstaan op een ansichtkaart, wat een plaatje! We eten vlees en tortillas van de barbecue, wat ons door onze buren wordt aangeboden. Na een duik, besluit ik naar de mirador te lopen, waar je een mooi uitzicht schijnt te hebben. Ondanks de aangelegde paadjes (zodat zelfs ik niet snel zal verdwalen), voel ik me net een ontdekkingsreiziger.  Overal om me heen hoor ik geluiden en ik heb het idee dat ik omsingeld ben door wilde beesten die ik helaas (of gelukkig) niet allemaal kan thuisbrengen. Aangekomen bij het uitzichtpunt word ik verwelkomd door vier arenden die boven mijn hoofd rondcirkelen. Ik kijk een tijdje uit op de zee, stranden en groene bergen.

Om het park te verlaten moeten we het water oversteken met een bootje die bestuurd wordt door een vrolijke tico. En hoe kunnen we deze dag anders afsluiten dan met een typisch Costa Ricaanse ‘granizado’!